Milieucafé 23 maart 2017

Rob Vereijken over stadsnatuur

Van tortelduif tot schaamluis

Bioloog Rob Vereijken schreef een aardig boek over stadsnatuur. Want in de stad Tilburg is veel en flora en fauna te vinden en vaak is dat hele bijzondere. Stadsecologen als Henk Moller Pillot en Henk Kuiper wezen daar eerder al op. Het boek van Rob verscheen november 2016 en draagt als titel 'Stadsnatuur, van Affeseervogel tot Zoemende wingerd'. Het is een bundeling van de columns die Rob de afgelopen twaalf jaar schreef voor de Tilburgse Koerier.

Presentator Frans Post is benieuwd naar de titel: wat is een Affeseervogel?
Het blijkt dat Rob rond de carnaval een paar koperwieken had gezien. Een bijzondere vogel. Toevallig deed hij de tuinen van de Tilburgse Tuinstraat aan. "Je moet vlug zijn, want ze zijn net zo snel weer weg," weet Rob. "De koperwiek is constant druk. Op zijn Tilburgs gezegd met het affeseren, affeseren [een verbastering van het Franse avancer, red]. Het beestje is kortom altijd bezig, ik vond hem echt een affeseervogel."

Tweede vraag: wat moeten we verstaan onder stadsnatuur?
"Alles wat spontaan leeft en ontstaat in de stad," komt het antwoord direct. "De Lindeboom op de Heuvel vind ik geen natuur. Maar alles wat er op afkomt wel! Op dezelfde manier is alles wat op het trottoir groeit, puur natuur. Daarom stimuleer ik de gemeente ook om niets te doen aan groenonderhoud. Dan krijg je puur natuur in de stad."

Rob ziet overal natuur opbloeien. Neem bijvoorbeeld zijn eigen woonstraat, de Pironstraat in Oud Noord. "Op het oog een hele saaie straat, er is geen boom te zien. Toch groeit er van alles tussen de stoeptegels. Er hebben bijenwolven gezeten, mieren, er groeien paardebloemen, zilvermos, allemaal in dat straatje. Op de Regte Heide leeft helemaal niets, bij mij in de straat gebeurt het!"

Ook op parken heeft Rob een onorthodoxe visie. Hij heeft niet zo op officiële parken maar soms ontstaat min of meer per ongeluk een mooi voorbeeld. Het Regenboogparkje bijvoorbeeld. Het ligt verscholen achter CZ bij de Regenboogstraat. Het is min of meer als een hoekje blijven liggen, en toch heeft zich daar een plas met kikkers en plantjes ontwikkeld. Daar geniet hij dubbel van.

De plannen voor het Spoorpark op het oude Van Gend & Loosterrein vervullen hem met skepsis. "Zo'n regiegroep zegt dan: wij gaan hier mooie natuur maken. Maar een park aanleggen levert nog geen natuur op. Bij de ingang van het park komt bijvoorbeeld een woontoren. Maar die wordt precies aangelegd op het stukje grond waar nu rijke natuur te vinden is."

Turks
Frans Post projecteert wat dieren op het scherm en Rob raadt ze zoals verwacht direct. We zien een regenworm, en korfslakjes ("Die zitten massaal onder water in de Piushaven. Je vindt er veel op opgetakelde fietsen en winkelwagentjes.") De Turkse tortelduif is typisch een migrant. Hij verscheen in 1954 in Nederland en werd in 1958 voor het eerst in Tilburg opgemerkt ("ze Koerden nogal"). De vogel doet het goed in Tilburg. Waarschijnlijk voelt hij zich thuis bij de gastarbeiders, vermoedt Rob. Er is trouwens ook een plantaardige migrant: de Turkse hazelaar. Vroeger stonden ze langs de Hart van Brabantlaan, nu zijn ze nog te vinden in de Boomstraat. Deze boom komt ook echt uit Turkije, hij is aangeplant door migranten.

Tot slot vraagt Rob Vereijken dringend aandacht voor de schaamluis. Volgens zijn definitie gaat het hier immers ook om stadsnatuur. "Het is heel ernstig gesteld met de schaamluis. Scheren zou eigenlijk verboden moeten worden. Er blijft geen habitat over door slechte beheersmaatregelen. Er zijn er gewoon te weinig." Rob ergert zich aan de selectieve verontwaardiging bij mensen als soorten uitsterven: als het om een korhoen zou gaan piepte men wel anders. Frans Post weet raad: statistisch gezien moeten er drie mensen in de zaal zitten die ze hebben. "Het Natuurmuseum wil er graag een paar hebben. Doe ze vanavond in dit potje; het museum zal u dankbaar zijn."

Rob leest als afsluiting een stukje voor over het Maarts Viooltje. Een van de twee wilde soorten die in Tilburg groeien; de andere soort is het akkerviooltje. Omdat het zo lekker ruikt breekt hij een lans voor de violette Viola Odorata.

 

 


Volgend artikel: Analyse verkiezingsuitslag

Frans Post en Rob Vereijken

Rob Vereijken

Rob Vereijken


Foto's: Wendy Presser

Verslag: Hans van den Berk